Ontevreden over werkomgeving

Iets minder dan de helft van de werknemers in de Benelux (44%) is niet tevreden over zijn of haar werkomgeving. En ‘open space’ of kantoortuin blijkt veel minder negatief te worden beoordeeld dan vaak wordt gedacht. Dat zijn twee uitkomsten uit het laatste onderzoek van Leesman, The Next 250k. In dat onderzoek heeft Leesman de meningen verwerkt van meer dan 250.000 werknemers in meer dan 2.200 werkomgevingen in 67 landen.

In het rapport komt Leesman met vijf gebieden waarop organisaties kunnen focussen, willen ze de werkomgeving verbeteren. Geluid springt eruit als storende factor. De grootste ontevredenheid zit bij de groep 35- tot 44-jarigen. Zij doen over het algemeen taken die complexer van aard zijn dan bijvoorbeeld Millennials, die dan ook de minste eisen stellen en het minst ontevreden zijn over hun werkplek. Leesman adviseert bedrijven dan ook vooral aandacht te besteden aan de groep 35-44 jaar. Uit het onderzoek komt verder naar voren dat werknemers die hun werkomgeving het meest effectief vinden, in een open ruimte zitten. Het ‘demoniseren’ van dit soort omgevingen is dus niet terecht, aldus Leesman.

Een werkomgeving die bij je taak past

Ook vraagt Leesman om aandacht voor het veranderen van de werkomgeving, wat niet altijd succesvol uitpakt. Het management verwacht bijvoorbeeld vaker een aanzienlijk operationeel voordeel dan in de praktijk wordt gerealiseerd, zo blijkt uit de cijfers. En tot slot: wat Leesman betreft geldt de ‘wet’ “Werkomgeving + gedrag = effectiviteit”. Steeds meer bedrijven richten de werkomgeving in met zones en/of werkplekken voor verschillende taken: denk aan CCC (concentrate, collaborate, communicate). Maar werknemers passen hun ingesleten manier van werken niet aan alleen maar omdat hun werkgever dat van ze vraagt, blijkt nu. Uit Leesmans onderzoek onder 11.336 werknemers in 40 activiteit-gerelateerde werkomgevingen blijkt dat werknemers zelden op deze activiteit-gerelateerde manier werken. Werkomgevingen functioneren dus niet altijd zoals ze bedoeld zijn.

Welbevinden: meer dan een goede werkomgeving alleen

Het is goed dat er aandacht is voor de werkomgeving. Leesman stelt dat medewerkers optimaal gefaciliteerd moeten worden om hun werk te kunnen doen. Bedrijven leggen volgens Leesman steeds meer focus op het welbevinden en de gezondheid van medewerkers. Maar wat Cohesie betreft wordt dat welbevinden bepaald door meer dan alleen de werkplek. Sterker nog, een niet-perfecte werkplek kan gemakkelijk gecompenseerd worden door goede relaties met collega’s, een sfeer van vertrouwen, duidelijke en open communicatie, betrokkenheid bij de doelen, intrinsieke motivatie, het kunnen nemen van verantwoordelijkheid en de aanwezigheid van heldere doelen.

 

Misschien herkent u ze, misschien zijn ze nieuw: maar in dit rijtje zitten ‘de vijf frustraties van teamwork’ verstopt van Patrick Lencioni (een gemakkelijk leesbare evergreen uit 2002. Natuurlijk is het vervelend als je kantoorstoel gammel is of het luchtbehandelingssysteem je luchtwegen aanvalt. Maar elke dag een verse espresso zorgt er niet voor dat je samen met je collega’s tot topprestaties komt. Daarvoor heb je geen verstelbaar bureau nodig, maar een team waar je je volkomen thuis voelt. Het rapport The Next 250k kunt u downloaden op: leesmanindex.com/250k/.

Millennials: op zoek naar geluk of toegevoegde waarde?

Zijn Millennials (geboren tussen 1980 en 2000) meer dan andere generaties op zoek naar persoonlijk geluk of willen ze juist iets toevoegen aan de maatschappij? Het laatste trendonderzoek van ORMIT wijst op het laatste. Millennials blijken juist meer geïnteresseerd te zijn in een betekenisvol leven dan alleen maar een gelukkig leven. Dit plaatst de bewering van Simon Sinek dat Millennials egocentrisch zijn, in een ander daglicht.

 

Wat een betekenisvol leven precies betekent, is uiteraard persoonlijk en betekent voor elk persoon wat anders. De onderzoekers van ORMIT constateren in ieder geval dat Millennials vergeleken met andere generaties over het algemeen minder schroom hebben om op anderen af te stappen, vragen te stellen en om persoonlijke feedback te vragen; hiërarchie zegt hen niet zoveel. Ze hebben vooral respect voor mensen die hen als gelijkwaardig behandelen en impact hebben door opvallende kwaliteiten of expertise. Millennials zoeken naar verbinding met anderen en oriënteren zich op een hoger doel. Daardoor zijn ze creatiever en presteren ze beter. Millennials die hun werk betekenisvol vinden, zijn meer betrokken en minder snel geneigd om van baan te wisselen. Zij hopen met hun carrière een duurzame impact te maken op anderen, stellen de onderzoekers.

Het trendonderzoek van ORMIT zegt ook dat 70 procent van de managers nog moet ontdekken wat de drijfveren zijn van het aanstormende talent. “Managers moeten aanvoelen en open staan voor wat jong talent drijft, anders gaan ze zelf hiernaar op zoek met het risico dat ze snel de organisatie verlaten”, stellen de talenten. Drijfveren worden beïnvloed door persoonlijke en maatschappelijke ontwikkelingen, zoals levensfase, welvaart en milieu. Ze blijven dus in ontwikkeling.