Prinsjesdag 2026: grip op verzuim begint vóór de ziekmelding
Sandra Djukanovic3 min leestijd
Prinsjesdag 2026 onderstreept dat verzuim, arbeidsongeschiktheid en duurzame inzetbaarheid belangrijke thema’s blijven voor werkgevers. Stijgende kosten en druk op het arbeidsongeschiktheidsstelsel maken preventie en tijdig handelen steeds relevanter. In dit artikel lees je waarom grip op verzuim al vóór de ziekmelding begint en waarom het belangrijk is om verder te kijken dan alleen de medische klacht. Door signalen, verzuimdata en patronen binnen de organisatie te verbinden, kunnen werkgevers eerder handelen en werken aan duurzame inzetbaarheid.
De boodschap uit Prinsjesdag 2026 is voor werkgevers relevant: de druk op ons stelsel rond ziekte en arbeidsongeschiktheid neemt verder toe. De kosten van arbeidsongeschiktheid stijgen, de uitvoering van de WIA staat onder druk en tegelijkertijd zet het kabinet nadrukkelijk in op preventie, re-integratie en het duurzaam aan het werk houden van mensen.
Voor Cohesie bevestigen deze ontwikkelingen iets wat wij in de praktijk al langer zien:
Wie structureel grip wil krijgen op verzuim, moet verder kijken dan de ziekmelding alleen.
Preventie wordt steeds belangrijker
Een concreet signaal uit de Prinsjesdagstukken is de stijging van de premie voor de Werkhervattingskas (Whk), onder andere door hogere kosten van WGA-uitkeringen. Tegelijkertijd staat de uitvoering van de WIA onder druk. Het kabinet zet daarom niet alleen in op verbeteringen binnen het arbeidsongeschiktheidsstelsel, maar ook op preventie en re-integratie.
Dat vraagt om eerder kijken en eerder handelen.
Want wanneer we pas aan het einde van twee jaar verzuim nadenken over duurzame inzetbaarheid en arbeidsongeschiktheid, zijn we laat. Interessanter is wat er daarvoor gebeurt.
Welke signalen zien we? Welke factoren dragen bij aan uitval? En waar kunnen werkgever en werknemer eerder in beweging komen?
Niet ieder verzuim is te voorkomen. Maar organisaties kunnen wel invloed uitoefenen op omstandigheden die bijdragen aan inzetbaarheid en uitval.
Verzuim is ook een organisatievraagstuk
Verzuim is bovendien niet altijd uitsluitend een medisch vraagstuk.
Werkdruk, veranderingen binnen een organisatie, samenwerking, privéomstandigheden en de balans tussen belasting en belastbaarheid kunnen allemaal invloed hebben op het functioneren van medewerkers.
Daarom kijken we bij Cohesie verder dan de klacht alleen.
Dat geldt ook voor preventie. Een losse interventie, zoals een workshop over stress of vitaliteit, kan waardevol zijn, maar is niet automatisch de oplossing. Eerst moet duidelijk zijn wat er binnen een organisatie speelt.
Daarbij combineren we verzuimdata en signalen uit de praktijk met professionele expertise en wetenschappelijke inzichten. Zo kunnen patronen zichtbaar worden en ontstaat een gerichtere aanpak.
Eerst begrijpen. Dan interveniëren.
De Business Partner Verzuim als verbindende schakel
Precies op het snijvlak van mens, werk en organisatie speelt de Business Partner Verzuim binnen Cohesie een belangrijke rol.
De leidinggevende kent de medewerker, het team en het werk. De medische professional heeft expertise over gezondheid en belastbaarheid. De Business Partner Verzuim voegt daar kennis over verzuim, re-integratie, inzetbaarheid en menselijk gedrag aan toe.
De Business Partner Verzuim adviseert, begeleidt en coacht leidinggevenden bij verzuim én preventie. Bijvoorbeeld bij het duiden van signalen, het voeren van gesprekken, het vertalen van adviezen van de medische professional naar de praktijk en het onderzoeken van mogelijkheden voor duurzame werkhervatting.
Niet door verantwoordelijkheden over te nemen, maar door expertise toe te voegen.
Tegelijkertijd kijkt de Business Partner Verzuim verder dan het individuele dossier. Wanneer vergelijkbare situaties vaker voorkomen, ontstaat de vraag of er sprake is van een breder patroon.
Een individueel dossier vertelt iets over één medewerker. Meerdere dossiers kunnen iets vertellen over de organisatie.
Van verzuimbegeleiding naar duurzame inzetbaarheid
Ook bij re-integratie is een bredere blik belangrijk. Niet alleen wat iemand tijdelijk niet kan is relevant, maar juist ook wat wél mogelijk is en wat nodig is om duurzaam terug te keren naar werk.
Daarmee raken preventie, verzuim, re-integratie en duurzame inzetbaarheid steeds sterker met elkaar verbonden.
De ontwikkelingen uit Prinsjesdag onderstrepen voor ons daarom een bredere beweging binnen de arbodienstverlening. Natuurlijk blijven goede medische begeleiding en een zorgvuldige uitvoering van de Wet verbetering poortwachter essentieel. Maar structureel grip krijgen op verzuim vraagt meer.
Het vraagt om inzicht in wat er binnen een organisatie gebeurt, om tijdig handelen en om de verbinding tussen individuele begeleiding en organisatiebeleid.
Daar ligt ook de rol van Cohesie.
Grip op verzuim begint niet bij de ziekmelding, maar bij begrijpen wat er speelt – bij de mens, in het werk én binnen de organisatie.


